Posten was nooit zo makkelijk en het heeft nog nooit zo weinig opgeleverd. Het klinkt als een paradox, maar wie LinkedIn de voorbije maanden heeft geopend begrijpt het intuïtief. Dezelfde toon en dezelfde structuur (vaak drie puntjes, een les, een vraag aan het einde?). Technisch correct maar laat ons eerlijk zijn: emotioneel leeg. Je scrolt erover heen voor je het doorhebt, want er valt niets te herkennen. De AI-revolutie beloofde meer content voor minder inspanning en dat is gelukt. Wat niemand had verwacht, is dat de markt er zo snel genoeg van zou krijgen. En wij ook.
Is de comeback van authenticiteit begonnen?
Over AI-moeheid, een knop op LinkedIn en een wet die de markt begint te volgen.
AI slop op LinkedIn? Ongeveer het dubbele van andere platformen.
Op 30 juli 2026 deed LinkedIn iets opvallends. Chief Product Officer Hari Srinivasan kondigde een nieuwe knop aan: "Seems like AI slop." Gebruikers kunnen er posts mee flaggen die generiek, geautomatiseerd of overdreven door AI gevormd aanvoelen. Die posts krijgen minder bereik. De persoon die ze deelde, krijgt een privémelding dat zijn content als onecht overkomt. Srinivasan was direct over de motivatie: "AI slop is een topprioriteit voor ons allen. Mensen komen naar LinkedIn om te verbinden met echte mensen en hun echte perspectieven, ideeën en expertise te delen."
Wat LinkedIn er niet meteen bij vertelde: ze hadden zelf een groot deel van het probleem veroorzaakt. Hun eigen "Enhance Post" feature normaliseerde AI-schrijven op grote schaal. Die tool verdwijnt nu, vervangen door een proeflees-functie die spelling en grammatica corrigeert maar de stem van de schrijver ongemoeid laat.
De reden achter de ommezwaai is hard om te negeren. Onderzoeksbureau Pangram analyseerde meer dan een miljoen posts over de grote platforms. Conclusie: meer dan 40% van de longform posts op LinkedIn was volledig door AI gegenereerd, het hoogste percentage van alle onderzochte platformen en ongeveer het dubbele van het platformoverschrijdende gemiddelde. LinkedIn vertegenwoordigde een derde van de gescande items, maar was goed voor bijna twee derde van alle AI-content die werd gevlagd. (TechCrunch) Je hoeft dat cijfer niet te geloven om het te herkennen, je ziet het gewoon.
Substack bouwde intussen een eigen AI-detector in. De reden? "Omdat we het platform niet in LinkedIn willen veranderen," aldus CEO Chris Best. (The Verge) Snapchat stopt met het aanbevelen van volledig AI-gegenereerde video's via Spotlight. (BBC) Het is dus duidelijk: de platforms beginnen "AI slop" tegen te gaan. En dat is maar goed ook.
Wat er op 2 augustus veranderde en waarom dat ook voor jou relevant is.
Sinds 2 augustus 2026 is de transparantieplicht uit Artikel 50 van de EU AI Act van kracht. Kort gezegd: mensen moeten kunnen weten wanneer content met AI is gegenereerd of gemanipuleerd. (Europese Commissie)
Voor marketingbureaus zit daar een technische laag onder die belangrijker is dan hij op het eerste gezicht lijkt. Generatieve AI-systemen moeten hun output namelijk machineleesbaar markeren, bijvoorbeeld via metadata of digitale watermerken. Daardoor kunnen platformen en detectiesystemen herkennen dat een beeld of video met AI is gemaakt, ook als je dat zelf niet kunt zien. Die markering mag bovendien niet zomaar worden verwijderd of gemanipuleerd. (EU AI Act Artikel 50)
Dat betekent niet dat elke AI-visual straks een label nodig heeft. De verplichting draait vooral om situaties waarin AI iets of iemand realistisch nabootst. Een abstracte productvisual? Geen probleem. Een video waarin de stem van een echte zaakvoerder wordt nagebootst? Dan wordt transparantie wel relevant. Hetzelfde geldt voor bepaalde AI-gegenereerde teksten over maatschappelijke onderwerpen en voor chatbots die met mensen communiceren.
En precies daar zit de praktische impact. We hoeven AI niet minder te gebruiken, we moeten vooral weten wat onze tools precies produceren en wanneer daar extra verplichtingen aan hangen. Als bureau ben je bovendien verplicht je klant daarover te informeren, zodat die bij publicatie de juiste stappen kan zetten. (EU AI Act Artikel 50(4))
Bestaande systemen hebben tot 2 december 2026 om aan de verplichtingen te voldoen. Generatieve AI-systemen die al vóór 2 augustus 2026 op de markt waren, krijgen bovendien extra tijd om zich in orde te stellen. Voor bureaus is dat vooral een goed moment om nu al scherp te krijgen: welke AI gebruiken we, welke markeringen laat die achter en wat moeten we daarover met onze klanten afspreken?
Een beweging die in twee richtingen gaat.
Wat hier gebeurt is geen toeval. De wet volgt wat mensen al voelen en platformen reageren op wat gebruikers al met hun gedrag aangeven.
Er is een begrip dat opduikt in technologiekringen: "the artisanal era of the internet." De gedachte dat platformen en gebruikers zich beginnen te keren tegen volume en schaal en terug bewegen richting het echte, het persoonlijke, het met moeite gemaakte. Of dat een blijvende beweging is of een tijdelijke reactie, dat weten we nog niet. Maar de signalen zijn er. En wij zijn fan!
Voor merken en marketeers die nu nog niet nadenken over het onderscheid tussen AI als productietool en AI als vervanging voor een eigen stem, wordt die keuze duurder. Want dat is misschien wel de echte verschuiving die we nu zien. We gaan niet van AI terug naar mens. We gaan van AI als vervanging van menselijke input naar AI als versterker ervan.
De comeback van authenticiteit is daarom geen nostalgische beweging. Het is een nieuwe realiteit van aandacht, want in een wereld waar iedereen sneller, vaker en goedkoper kan publiceren, wordt iets anders schaars: iets dat alleen jij had kunnen zeggen.
Authenticiteit is één van de centrale thema's die we uitdiepen op ons Thinkkaffee van 29 september. Zeven invalshoeken, een kleine groep ondernemers, één avond. Schrijf je in via de link hieronder.